dinsdag 24 mei 2011

Obama vijf procent Iers.

Gisteren is de Amerikaanse president op bezoek geweest in het Ierse dorpje Moneygall. De over-over-overgrootvader van Barack woonde daar tot hij in 1850 (19 jaar oud) naar Amerika emigreerde zoals veel Ieren, om aan de honger te ontsnappen. Vijf procent, dat is één op twintig. Hoeveel over-over-overgrootouders hebben wij, en dus ook Obama? Twee ouders, vier grootouders, acht overgrootouders, zestien over-overgrootouders, dus: tweeëndertig over-over-overgrootouders! Drie procent is dus juister dan vijf procent. En zelfs dat is genetisch bekeken niet meer dan een schatting op basis van statistiek. Ik verklaar. Ieder kind erft precies de helft van de genen van elk van zijn ouders. Maar welke genen nu juist van vader en welke van moeder komen ligt niet vast, het is een loterij. Anders zouden al de kinderen van een paar er als tweelingen uitzien. Integendeel, het ene kind heeft de ogen van moeder, het andere van vader en dit geldt voor alle uiterlijke en innerlijke kenmerken. Dat betekent ook dat de derde generatie niet precies één vierde van de genen van elke grootouder heeft. Het varieert tussen nul en vijftig procent van elke grootouder, hoewel kansberekening zal uitwijzen dat het meestal wel tussen twintig en dertig procent zal zijn, vermoed ik. Voor elke volgende generatie geldt hetzelfde. Genetisch gezien zal Obama dus (net als wij allemaal) tussen nul en vijftig procent genen van zijn over-over-overgrootvader hebben geërfd, maar statistisch is drie procent waarschijnlijker.

Die ouwe Ierse knar bleek ook nog eens een protestant te zijn. Altijd wijs om dat in het achterhoofd te houden als je het over het katholieke Ierland hebt, maar dat is een ander verhaal. Engeland probeerde gedurende eeuwen om Ierland onder de knoet te houden. Ierland werd pas in 1921 onafhankelijk, maar zonder de deels protestantse gebieden in Noord-Ierland. Op BBC loopt nu een interessante reeks over de Ierse geschiedenis. Het is niet moeilijk zich in te beelden welk een wespennest onder andere de inmenging van anti-Engels Rome en Spanje teweegbracht. De "Troubles" van de twintigste eeuw vinden hun oorsprong in de zeventiende-eeuwse politiek van de Engelsen.

Stambomen zoals wij die meestal kennen geven ook een foute voorstelling van de realiteit. Men kijkt enkel naar de mannelijke voorvader en al diens afstammelingen. Zo blijft het wel overzichtelijk, maar eigenlijk is het boeiender om van één kind alle voorouders voor te stellen, waardoor je een omgekeerde piramide-vorm krijgt. Genetisch een veel juistere voorstelling van de feiten. Op voorwaarde dat er geen vals spelende oma's zouden zijn, uiteraard... Per generatie terug heb je zoveel voorouders:
1:2 (ouders)
2:4 (grootouders)
3:8 (overgrootouders)
4:16
5:32
6:64
7:128
8:256
9:512
10:1024
11:2048
12:4096
13:8192
Is dat niet fenomenaal? Ik bezit een traditionele genealogie met dertien generaties mannelijke voorouders. Mijn oudst bekende voorvader, ene Jacobus, werd omstreeks 1580 geboren te Zeveneken. Maar de facto heb ik niet één, maar wel 8192 voorouders van die dertiende generatie (waarbij sommigen wel honderd jaar vroeger of later zullen geleefd hebben). Van die Jacobus heb ik dus vermoedelijk en ongeveer slechts nul komma nul twaalf percent genen geërfd... Ware het niet dat er ergens onderweg een hapering verschijnt: (één van) mijn over-overgrootmoeder is pas na de geboorte van haar zoon gehuwd. Het is dus koffiedik kijken of mijn officiële over-overgrootvader (die van de stamboom) ook mijn echte is. Maakt het wat uit? Toch een beetje, want het is toch de voorvader in mannelijke lijn die mijn achternaam bepaalt. Ik vind het ook erg belangrijk dat mijn kinderen mijn achternaam erven. Noem mij ouderwets.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten